5 jaar NL-ATSA

FEESTELIJKE VIERING

5 JAAR NL-ATSA 

– 25 juni 2019 –

“Preventie en behandeling van seksueel gewelddadig gedrag: een stand van zaken”
– Van der Hoevenkliniek, Utrecht –

 

Op dinsdag 25 juni viert NL-ATSA zijn inmiddels 5-jarig bestaan. Deze verjaardag willen we vanzelfsprekend niet stilletjes aan ons laten voorbijgaan. Het leek ons dan ook het ideale moment om een feestelijke studiedag te organiseren. 

Tijdens deze studiedag zullen we uitgebreid stilstaan bij de preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag en bij de behandeling van zedenplegers. Zowel recente theoretische inzichten als best-practices zullen uitgebreid aan bod komen in onze plenaire sessies en workshops. Deelnemers aan deze studiedag krijgen bovendien een primeur: De lezingen zullen in teken staan van een speciale uitgave omtrent seksueel grensoverschrijdend gedrag van het Tijdschrift voor Seksuologie die in juni uitgegeven wordt en waaraan verschillende sprekers van deze studiedag hebben meegewerkt. 

Om onze verjaardag te vieren zal iedere deelnemer een goodiebag ontvangen, met een bijdrage van deze speciale uitgave van het Tijdschrift voor Seksuologie. Genoeg redenen om de studiedag bij te wonen. We hopen dan ook dat jullie met ons het glas zullen heffen op het NL-ATSA lustrum feest! 

Programma

9u45 – 10u: 5 jaar NL-ATSA: The past, present and future 
10u – 10u40: Van Raad Naar Daad: Praktische toepassingen van het Incentive Motivational Model 
– Wineke Smid, De Forensische Zorgspecialisten –
10u40 – 11u20:  
Better safe than sorry’: de preventie van seksueel kindermisbruik in België en Nederland 
 – Minne De Boeck, Universitair Forensisch Centrum, Stop it Now! Vlaanderen & Jules Mulder, Stop it Now! Nederland
11u20-11u45: Koffiepauze 
11u45-12u25:  
Jeugdige daders van zedendelicten: Een overzicht van de (empirische) kennis en een blik op de toekomst 
– Chantal van den Berg, Universitair Docent Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Zohra Lkasbi, Klinisch Psycholoog & Criminoloog bij ZNA UKJA Zorgeenheid Gedragsstoornissen Adolescenten & Daniel Neves Ramos, Kinder- & Jeugdpsychiater & forensisch psychiater bij ZNA UKJA Zorgeenheid Gedragsstoornissen Adolescenten –
12u25-13u15: Lunchpauze &. NL-ATSA bestuursvergadering  
13u15-14u30: Workshop 1 met keuze uit:
Workshop 1: Mijn Positief Levensplan: het Good Lives Model in de praktijk 
Jan Willem van den Berg, psychotherapeut/GZ-psycholoog en VGCt therapeut, Marc Lexmond, GZ-Psycholoog –
Workshop 2: De werkalliantie bij de behandeling van plegers van seksueel grensoverschrijdend gedrag  
– Els Van Daele & Kris Vanhoeck, I.T.E.R. – 
Workshop 3: Een psychopaat op de sofa: over uitdagingen en hoop  
– Eelco van Doorn, van der Hoeven Kliniek  & Kasia Uzieblo, De Forensische Zorgspecialisten, Universiteit Gent, Vrije Universiteit Brussel –
Workshop 4: Zorgprogramma Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag: behandeling van zedenplegers met een verstandelijke beperking 
– Kim Ellen Biesmans, STEVIG –
14u30-15u: koffiepauze
15u-16u15: Workshop 2 met keuze uit bovenstaande workshops
16u20-16u30: Slotwoord  

Abstracts plenaire sessies

Van Raad Naar Daad: Praktische toepassingen van het Incentive Motivational Model 

– Wineke Smid –

Het Incentive Motivationeel Model (IMM; Smid & Wever, 2018) beschrijft seksuele opwinding en verlangen als een emotionele reactie op een competente stimulus, vergelijkbaar met andere emoties. Emoties kunnen elkaar beïnvloedden en de wisselwerking tussen de seksuele emotie en andere emoties kan, bewust of onbewust, dienen als een middel voor emotionele en/of seksuele zelfregulatie. Niet alleen kan seks worden gebruikt om andere emoties te beïnvloeden (seksuele coping), maar ook kunnen andere emoties, bewust of onbewust, worden gebruikt om seksuele opwinding te reguleren (seksuele deviantie). In deze presentatie wordt het model kort samengevat om vervolgens verder te gaan met recente onderzoeksresultaten, klinische implicaties en voorbeelden uit de praktijk. Aan de orde komen een laboratoriumonderzoek naar de wisselwerking tussen seksuele opwinding en andere emoties; EMDR als mogelijke behandeling voor deviante interesses en het meten van de toenaderingsneiging als assessment methode voor seksuele deviantie en preoccupatie.  

Better safe than sorry’: de preventie van seksueel kindermisbruik in België en Nederland  

– Minne De Boeck & Jules Mulder –

Het grote aantal slachtoffers van seksueel kindermisbruik en de desastreuze gevolgen van het fenomeen wijzen op het belang van de preventieve benadering van de problematiek. Smallbone en collega’s ontwikkelden een specifiek preventiemodel voor de preventie van seksueel kindermisbruik. Aan de hand van een aantal praktijkvraagstukken, casussen en genomen preventie-initiatieven in Vlaanderen en Nederland zullen we dit model toelichten. Deze beschouwing zal de basis vormen voor een aantal aanbevelingen en kritische inzichten. 

Jeugdige daders van zedendelicten: Een overzicht van de (empirische) kennis en een blik op de toekomst 

Chantal van den Berg, Zohra Lkasbi & Daniel Neves Ramos –

De presentatie zal zich richten op de huidige stand van zaken omtrent de kennis over jeugdige daders van zedendelicten. Dit zal gedaan worden aan de hand van vijf deelonderwerpen: prevalentie, typologieën, criminele carrière, risicofactoren en interventies. Binnen deze deelonderwerpen zal stilgestaan worden bij de theorievorming, de ontwikkeling van de kennis over het deelonderwerp en implicaties en openstaande vragen voor de toekomst. De prevalentie zal worden besproken aan de hand van recente cijfers uit België en Nederland. Ook zullen verschillende schattingen van de prevalentie besproken worden om zo het ‘dark figure’ in beeld te krijgen. Voor het tweede onderwerp, typologieën, bestaat al enige jaren veel aandacht.  Aan de hand van het indelen van de jeugdigen in verschillende subtypen wordt geprobeerd een beter begrip van de heterogeniteit en de etiologie van deze specifiek groep te krijgen. Tijdens de presentatie zullen de verschillende typologieën besproken worden. De meest recente theoretische ontwikkeling ten aanzien van jeugdige daders van zedendelicten is gebaseerd op een levensloopperspectief. Deze stroming richt zich op het verklaren en begrijpen van de criminele carrière van jeugdige zedendaders. Het deelonderwerp risicofactoren zal worden onderverdeeld in een bespreking van de risico- en beschermende factoren, en een bespreking van de risicotaxatie-instrumenten gebruikt voor de recidiverisico-inschatting bij jeugdige daders van zedendelicten. Het laatste deel van de presentatie zal zich richten op interventies, daarbij zal gekeken worden naar zowel gedragstherapeutische interventies als farmacologische behandeling.  

Abstracts workshops

Workshop 1: Mijn Positief Levensplan: het Good Lives Model in de praktijk 

– Jan Willem van den Berg & Marc Lexmond –

De behandeling van zedendelinquenten werd jarenlang gedomineerd door het denken vanuit risico’s en hoog-risicosituaties. De focus kwam daarmee te liggen op wat niet meer kan, niet mag en vermeden moet worden. Met de introductie van het Good Lives Model is er een ander geluid gekomen (Purvis, Ward & Willis, 2014; Yates & Prescott, 2010). Dit behandelmodel gaat juist over de kracht, kwaliteiten, wensen en behoeftes van plegers van een zedendelict. Doelstelling is het opbouwen van een voor de pleger positief en delictvrij leven. Hoe dit model zich laat combineren met het opstellen van een behandelplan, gefocust op dynamische risicofactoren, komt uitvoerig aan bod tijdens de workshop.  Na deze workshop ben je op de hoogte van de achtergronden van het Good Lives Model en ken je de basisbegrippen van het model (primary en secundary goods) en kan je het Good Lives model toepassen. Ook zal een praktisch werkboek ter beschikking gesteld worden. 

Workshop 2: Echt contact is niet de bedoeling. Over ‘de werkalliantie bij seksueel grensoverschrijdend gedrag’

– Els Van Daele & Kris Vanhoeck –

Een therapeutisch proces bij de behandeling van seksueel misbruik doet forensische hulpverleners soms denken aan het beklimmen van een berg met specifieke hindernissen en impasses die zowel plegers als hulpverleners moeten trotseren. Ervaren bergbeklimmers weten dat je best voorbereid en getraind aan de bergtocht kan beginnen. En toch moeten de meeste plegers van de ene op de andere dag, meestal met veel tegenzin, beginnen aan een tocht op moeilijk begaanbare wegen. Het beklimmen van een berg begint met een eerste stap maar om bergen te verzetten is er veel bloed, zweet en tranen mee gemoeid! Forensische therapeuten weten hoe ingewikkeld  en kwetsbaar het is om plegers van seksueel grensoverschrijdend gedrag te bereiken ten gunste van een therapeutisch proces dat op langere termijn naar een leven zonder seksueel misbruik leidt. De werkalliantie vormt daarbij het kloppend hart van het behandelingsproces. Om een werkbare therapeutische relatie op te bouwen, moet de forensische therapeut niet alleen over een goed hart beschikken in alle betekenissen van het woord maar moet hij soms ook van zijn hart een steen kunnen maken. In de workshop belichten we enkele principes die de kern uitmaken van de therapeutische relatie bij de behandeling van seksueel misbruik.

Workshop 3: Een psychopaat op de sofa: over uitdagingen en hoop  

– Eelco van Doorn & Kasia Uzieblo –

Personen met een hoge mate van psychopathie kosten de maatschappij veel geld en richten veel leed aan. Het is dus van groot belang om bij deze personen de kans op recidive te verminderen. In deze workshop zoomen we, vanuit casusbeschrijvingen over zedendelinquenten, in op de verschillende kenmerken van psychopathie. Hierbij bespreken we wat de belemmerende factoren in de behandeling van personen met psychopathische trekken kunnen zijn en hoe we deze kunnen trachten te omzeilen.  

Workshop 4: Zorgprogramma Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag: behandeling van zedenplegers met een verstandelijke beperking 

– Kim Ellen Biesmans –

Hoe verminder je het risico op seksueel grensoverschrijdend (delict)gedrag bij patiënten met een verstandelijke beperking? Hoe geef je de behandeling vorm, rekening houdend met die beperkingen? Hoe bevorder je gezonde seksualiteit in deze heterogene groep patiënten? Met het Zorgprogramma Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag heeft de Borg (i.e., een samenwerkingsverband tussen instellingen die diagnostisch onderzoek en behandeling bij licht verstandelijk beperkte/laag begaafde zedenplegers uitvoeren) een theoretisch gefundeerd en uitgebreid behandelaanbod samengesteld. Dit biedt behandelaren een praktische ondersteuning bij de indicatiestelling en de uitvoering van de behandeling van deze problematiek. Het basisgedeelte van het zorgprogramma is gericht op de bevordering van gezonde seksualiteit en op preventie van seksuele problemen. Het specialistische gedeelte is gericht op het terugdringen van het (recidive)risico. In deze workshop wordt het gehanteerde verklaringsmodel (de integratieve theorie ofwel ITSO; Ward & Beech, 2006) toegelicht en toegepast op een casus. Vervolgens worden deelnemers aan de hand de casus door het Zorgprogramma heen geleid. Hierbij ligt de nadruk op de multidisciplinaire aanpak: wie doet wat en waarom, op welk moment in de behandeling?  

Sprekers

Wineke Smid (PhD.) is hoofd van de afdeling Onderzoek van De Forensische Zorgspecialisten en is gespecialiseerd in onderzoek naar seksueel delictgedrag. Ze verdeelt haar tijd tussen wetenschappelijk onderzoek, het ondersteunen van het primaire proces door middel van (risico)diagnostiek bij individuele patiënten en het geven van trainingen en presentaties aan diverse stakeholders in het forensisch veld. In 2014 promoveerde zij op nationaal onderzoek naar “Sex Offender Risk Assessment in the Netherlands”. Zij is medeoprichter van NL-ATSA, vereniging voor de preventie van zedendelicten. Momenteel houdt zij zich onder andere bezig met onderzoek naar het ontstaan van seksuele zelfregulatieproblemen en de mogelijkheden voor behandeling. 

Minne De Boeck is criminologe in het Universitair Forensisch Centrum (UFC) in Antwerpen, België. Het UFC is een ambulant behandelcentrum voor seksueel afwijkend gedrag en fungeert als Vlaams steuncentrum binnen het samenwerkingsakkoord voor de begeleiding en behandeling aan daders van seksueel misbruik. Minne coördineert de steunopdrachten ten aanzien van de externe partners en vertegenwoordigt het UFC in tal van Vlaamse en federale overlegorganen. Daarnaast is ze betrokken bij het risicomanagement, de intakes, risicotaxatie en second opinions van het behandelcentrum. Minne is tevens initiatiefneemster en projectverantwoordelijke van het Vlaamse Stop it Now!-project, waarmee ze de preventie van seksueel kindermisbruik meer onder de aandacht brengt. Daarnaast zetelt ze in het bestuur van de NL-ATSA en is ze lid van de Amerikaanse Association for the Treatment of Sexual Abusers (ATSA). 

Jules (J.R.) Mulder (1950) is psycholoog-psychotherapeut en specialist op het gebied van pedofilie. Hij is oprichter van forensische polikliniek de Waag en heeft daar 20 jaar leiding aan gegeven. Na zijn pensionering in 2016 is hij actief gebleven in Stop it Now!, een preventief programma voor mensen met pedofiele gevoelens en hun families, waar hij in 2012 initiatiefnemer van was. Hij spreekt in binnen- en buitenland over de behandeling van daders van pedoseksuele delicten. Hij heeft gepubliceerd over pedofilie, huiselijk geweld en ambulante forensische behandeling.

Chantal van den Berg is gepromoveerd op een onderzoek naar de levensloop van jeugdige daders van zedendelicten uitgevoerd bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en de Vrije Universiteit Amsterdam. Naar aanleiding van dit proefschrift zijn verschillende internationale peer-reviewed wetenschappelijke publicaties verschenen. Daarnaast heeft Chantal van den Berg meerdere wetenschappelijke artikelen gepubliceerd over aanpalende onderzoekonderwerpen zoals de behandeling van zedendaders in de gevangenis en arbeidsmarktkansen van verschillende dadertypen. Op dit moment is Chantal van den Berg werkzaam als Universitair Docent Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, zij is gespecialiseerd in statistiek en methoden voor empirisch criminologisch onderzoek. Haar onderzoeksinteresse liggen op het gebied van levensloop- en ontwikkelingscriminologie en zedendelinquentie.  

Zohra Lkasbi is klinisch psycholoog en gedragstherapeut (kinderen en jongeren) in opleiding.  Ze volgde een postgraduaatopleiding forensische psychodiagnostiek en counseling aan Thomas More (2014-2016) en behaalde eveneens een master in de criminologische wetenschappen. Zohra Lkasbi werkt als  forensisch psychologe aan het Universitair Kinder- en Jeugdpsychiatrie Antwerpen (UKJA), Zorgeenheid Gedragsstoornissen – Adolescenten. Zij is voornamelijk gespecialiseerd in de assessment en behandeling van adolescenten met een psychiatrische problematiek in combinatie met delinquent gedrag (zedendelicten, agressieproblematiek, normoverschrijdende gedragsproblemen…). 

Daniel Neves Ramos is kinder- en jeugdpsychiater sinds 2006 en werkt binnen ZNA- UKJA (Ziekenhuis Netwerk Antwerpen – Universitaire Kinder- & Jeugdpsychiatrie Antwerpen) op de zorgeenheid gedragsstoornissen. Deze residentiële unit voor behandeling van adolescenten neemt sinds 2003 minderjarige zedendelinquenten op met bijkomende geestelijke gezondheidsproblemen vanuit Vlaanderen. Daarnaast is hij als onbezoldigde Bijzonder Akademisch Personeel (BAP) verbonden aan de Universtiteit Antwerpen. Sinds 2016 is hij ook erkend als forensisch psychiater. 

Jan Willem van den Berg is Gz-psycholoog en psychotherapeut. Hij is werkzaam op de afdeling Psychodiagnostiek en Psychotherapie van de Van der Hoeven Kliniek. Hij is gespecialiseerd in de behandeling en risicotaxatie van zedendelinquenten. Over dit onderwerp geeft hij lezingen, trainingen en publiceert hij in wetenschappelijke tijdschriften. Met collega’s vertaalde en implementeerde hij het risicotaxatie-instrument Stable-2007. Zijn lopende promotieonderzoek, aan KU Leuven, richt zich op het meten en behandelen van dynamische risicofactoren bij zedendelinquenten. Jan Willem is lid van de Amerikaanse Association for the Treatment of Sexual Abusers (ATSA) en een van de oprichters van het Nederlandse ATSA chapter, NL-ATSA. 

Marc Lexmond is als GZ-psycholoog werkzaam op de afdeling Psychodiagnostiek en Psychotherapie in de Van der Hoeven Kliniek. Als GZ-Psycholoog is hij op verschillende plekken werkzaam geweest, namelijk binnen de SGLVG (sterk gedragsgestoord, licht verstandelijk beperkt), de verslavingszorg en de forensische psychiatrie. Sinds augustus 2018 werkt hij in de Van der Hoeven Kliniek en geeft hij daar onder andere (groepsgerichte) behandeling aan zedendelinquenten volgens de principes van het Good Lives Model. Tevens werkt Marc veel met schemagerichte therapie (SFT) en is hij momenteel bezig met de registratie tot Junior Schematherapeut. 

Eelco van Doorn is werkzaam als GZ-psycholoog op de afdeling Diagnostiek & Therapei van de Van der Hoeven Kliniek. Behandeling en risicotaxatie van zedendelinquenten vormen een belangrijk deel van zijn werkzaamheden. Tevens is hij als PCL-R trainer verbonden aan de RINO-groep. Eelco is lid van de Amerikaanse Association for the Treatment of Sexual Abusers (ATSA) en algemeen bestuurslid van het Nederlandse ATSA chapter. 

Kasia Uzieblo is als senior onderzoeker verbonden aan de Forensische Zorgspecialisten (Utrecht, Nederland). Tevens is ze als gastprofessor aangesteld aan de Universiteit Gent en de Vrije Universiteit Brussel, alwaar ze respectievelijk forensische psychologie en criminologische psychologie doceert. Ook is ze als PCL-R trainer verbonden aan de RINO-groep. Kasia Uzieblo is de oprichter en huidig voorzitter van de divisie Forensische Psychologie van de Vlaamse Vereniging van Klinisch Psychologen (VVKP). Daarnaast zetelt ze in het bestuur van de NL-ATSA, een vereniging die zich inzet voor de preventie van zedendelicten en in het bestuur van de Society for the Scientific Study of Psychopathy (SSSP), een wetenschappelijke vereniging voor de studie van psychopathie. Ook is ze lid van de Amerikaanse Association for the Treatment of Sexual Abusers (ATSA). Haar voornaamste onderzoeksinteresses zijn psychopathie, seksueel geweld en huiselijk geweld. Verder zet ze zich met haar onderzoek in voor de verdere optimalisatie van de forensisch-psychologische psychodiagnostiek. Haar werk aangaande de voorgenoemde onderwerpen is inmiddels in diverse (inter)nationale wetenschappelijke en professionele tijdschriften gepubliceerd.  

Kris Vanhoeck en Els Van Daele zijn respectievelijk als therapeutisch coördinator en als forensisch therapeute verbonden aan het Centrum voor Daderhulp I.T.E.R. te Brussel.

Kim Ellen Biesmans is klinisch neuropsycholoog en seksuoloog NVVS-SH in opleiding. Ze is werkzaam bij STEVIG, waar ze zich onder andere bezighoudt met diagnostiek en behandeling van licht verstandelijk beperkte/laag begaafde zedenplegers (SGLVG-doelgroep). In de afgelopen jaren heeft ze zich als Programmaleider Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag binnen  het expertisecentrum de Borg (samenwerkingsverband SGLVG-instellingen) toegelegd op de ontwikkeling van het Zorgprogramma SGG.  

Inschrijven


Leden: €60
Leden – student: €50
Niet-leden: €75
Niet-leden – student: €60

Wegens problemen met het ATSA lidmaatschap kunnen alle leden die ooit lid zijn geweest van NL-ATSA deelnemen aan het reductietarief.

Meer info?

SCHRIJF HIER IN!