Studiedag: dynamische risicofactoren

NL-ATSA CONGRES

Dinsdag 20 februari 2018

De inschrijvingen zijn afgesloten!

Van de nood een deugd maken: 

aan de slag met dynamische risicofactoren bij zedendelinquenten’

 

Programma

10.00 – 10.30: Registratie en koffie

10.30 – 10.40: Introductie (Kasia Uzieblo, voorzitster NL-ATSA)

10.40 – 12.30: Een gepersonaliseerde behandeling van dynamische risicofactoren: Van theorie naar de praktijk

Wineke Smid, Jan Willem van den Berg, Eelco van Doorn

12.30 – 13.15: Lunch

13.15 – 14.30:  Stille wateren, diepe gronden: Wat gaat er om in het hoofd van een zedendelinquent? De rol van cognitieve verstoringen, delictondersteunende gedachten en Impliciete Theorieën.

Mirthe Noteborn

Mirthe G. C. Noteborn, M.Sc., is een Ph.D-student aan Tilburg University, departement Ontwikkelingspsychologie. Ze heeft haar bachelor-diploma in de psychologie behaald aan de Universiteit van Maastricht in 2009. In 2010 studeerde zij cum laude af in de master Psychologie en Recht. In 2012, ontving ze haar tweede masterdiploma in forensische psychologie (cum laude), eveneens aan de Universiteit van Maastricht. Mirthe’s Ph.D-project betreft het meten en in kaart brengen van Impliciete Theorieën bij zedendelinquenten aan de hand van directe (e.g., zelf-rapportage) en indirecte methodes (e.g., Impliciete Relational Assessment Procedure; Relational Responding Task). Als onderdeel van haar Ph.D is Mirthe betrokken bij onderwijs op het gebied van zedendelinquentie.

14.30 – 15.00: Koffie

15.00 – 16.30: Acceptance & Commitment Therapie bij zedendelinquenten: oefenen met ACT interventies in de klinische praktijk. 

Klaartje Schepers & Caspar van Eijk

16.30: Afsluitend woord & Borrel

 

Abstracts

Een gepersonaliseerde behandeling van dynamische risicofactoren: Van theorie naar de praktijk – Wineke Smid, Jan Willem van den Berg, Eelco van Doorn –

A. Introductie tot een nieuw motivationeel model over deviant seksueel gedrag                                                                  – Wineke Smid, Forensische Zorgspecialisten, NL –

B. Dynamische risicofactoren van zedendelinquenten: een netwerkanalyse                                                                           – Jan Willem van den Berg, Van der Hoeven Kliniek, NL –

Er is al veel bekend over de dynamische risicofactoren van zedendelinquenten en er is al veel onderzoek naar gedaan. We weten bijvoorbeeld dat voor zedendelinquenten ontwikkelde dynamische risicotaxatie-instrumenten ongeveer net zo’n grote voorspellende waarde hebben als instrumenten die voornamelijk uit statische risicofactoren bestaan, dynamische instrumenten voorspellende waarde toevoegen aan statische instrumenten en dat veranderscores op dynamische instrumenten voorspellend zijn voor een toe- of afname van het recidive risico. Onduidelijk echter is, hoe dynamische risicofactoren met elkaar samenhangen. Juist hierover gaat deze presentatie. Op eenvoudige wijze wordt uitgelegd wat netwerkanalyse inhoudt, welke dynamische risicofactoren met elkaar samenhangen en welke dynamische risicofactoren meer of minder invloed hebben op het gehele netwerk (in gewone mensentaal: welke dynamische risicofactoren meer prioriteit in de behandeling en begeleiding van zedendelinquenten zouden moeten krijgen, en welke minder).  Data die gebruikt is voor de netwerkanalyses komt van het Dynamic Supervision Project (DSP), dat is het project op basis waarvan de STABLE-2007 ontwikkeld en gevalideerd is.

C. Behandeling van dynamische risicofactoren: een casestudie                                                                                          – Eelco van Doorn, Van der Hoeven Kliniek, NL –

Waar moet je je op richten in de behandeling van een zedendelinquent? En hoe hou je rekening met responsiviteitsfactoren? Aan de hand van een beknopte beschrijving van een casestudie wordt dit geïllustreerd. Aansluitend ga je in de vorm van een workshop actief aan de slag met het vertalen van dynamische risicofactoren naar praktische interventies.

Stille wateren, diepe gronden: Wat gaat er om in het hoofd van een zedendelinquent? De rol van cognitieve verstoringen, delictondersteunende gedachten en Impliciete Theorieën. – Mirthe Noteborn –

Cognitieve verstoringen worden gezien als een van de factoren om de motivaties van delinquenten te kunnen begrijpen. Cognitieve verstoringen worden daarom gezien als een cruciaal onderdeel in de diagnostiek en behandeling van zedendelinquenten. In de afgelopen jaren is er echter een toenemende consensus dat niet zo zeer de cognitieve vervormingen, maar de delictondersteunende gedachten een primair doel zouden moeten zijn voor behandeling (e.g., Dean, Mann, Milner, & Maruna, 2007; Ó Ciardha & Ward, 2013). Delictondersteunende gedachten zijn volhardende, niet-situatiespecifieke attitudes die seksueel delictgedrag ondersteunen of rechtvaardigen (Maruna & Mann, 2006) en worden beschouwd als risicofactor voor zowel seksueel-, gewelds-, als algemeen recidive (e.g., Hanson & Morton-Bourgon, 2005; Helmus, Hanson, Babchishin, & Mann, 2013). Ward en collega’s (Ward, 2000; Ward & Keenan, 1999; alsmede Polaschek & Ward, 2002) stellen dat deze delictondersteunende gedachten het product zijn van verscheidene onderliggende cognitieve processen genaamd Impliciete Theorieën (ITs; ookwel schema’s genoemd). Binnen deze ITs van zedendelinquenten wordt een onderscheid gemaakt tussen het type slachtoffer (e.g., seksuele motivatie) en meer algemene antisociale motivaties voor het plegen van delicten. De conceptualisatie van delictondersteunende gedachten als onderdeel van ITs heeft ervoor gezorgd dat men zich in behandeling meer is gaan richten op het implementeren van gepersonaliseerde schema-gebaseerde technieken om zo deze ITs van zedendelinquenten te veranderen (e.g., Beech, Bartels, & Dixon, 2013; Beech & Mann, 2002; Drake, Ward, Nathan, & Lee, 2001; Mann & Shingler, 2006). Helaas zijn deze ontwikkelingen niet gevolgd door adequate verbeteringen in de bijbehorende meetinstrumenten van deze ITs.

Tijdens deze presentatie zal ik ingaan op de termen cognitieve vervormingen, delictondersteunende gedachten, ITs en zal er kritisch gekeken worden naar de vraag welke van deze constructen nu daadwerkelijk een risicofactor is. Er zal verder ingegaan worden op de diagnostiek aan de hand van directe en indirecte meetinstrumenten en er zal kort stilgestaan worden bij de behandeling.

Acceptance & Commitment Therapie bij zedendelinquenten: oefenen met ACT interventies in de klinische praktijk. —– Klaartje Schepers & Caspar van Eijk –

 

Praktische informatie

Locatie: Van der Hoevenkliniek. Adres: Willem Dreeslaan 2, 3515 GB UTRECHT

Toegangsprijs:

  • • Leden: €60
  • • Leden – student: €50
  • • Niet-leden: €75
  • • Niet-leden – student: €60